Dow Benelux in Terneuzen gaat de afvalgassen van ArcelorMittal bij Gent gebruiken. Daar worden beide bedrijven beter van.
Arcelor Mittal heeft een probleem met zijn fabriek in het Belgische Gent. ’s Werelds grootste staalproducent stoot daar, net over de grens bij Zeeuws-Vlaanderen, veel CO2 de lucht in. CO2 (kooldioxide) is een belangrijke veroorzaker van de opwarming van de aarde. De uitstoot moet minder, maar dat is lastig. Want zowel bij de staalproductie als bij de verbranding van hoogovengassen in de naburige elektriciteitscentrale komt CO2 vrij.
Een kleine twintig kilometer naar het noorden, in Terneuzen, zit Dow Benelux ook met een probleem. De Europese hoofdvestiging van de Amerikaanse chemiegigant wil graag andere grondstoffen voor zijn productie gebruiken dan olie. Olie is vervuilend en eindig. Dow heeft al wel technologie ontwikkeld om afvalgassen in te zetten om zijn grondstoffen voor plastics te produceren. Alleen waar haalt het die afvalgassen vandaan?

Kanaal van Gent naar Terneuzen. Dit 18 zeemijl lange kanaal verbindt de zeehaven van Gent met de Westerschelde en de zee. Op de achtergrond de hoogovens van staalproducent Sidmar Arcelor Mittal in Gent-Zeehaven (zie foto)

Eén en één is twee
Eén en één is twee, ook in de zware industrie en de chemie. ArcelorMittal gaat zijn afvalgassen leveren aan Dow Benelux. Zo vermindert de staalproducent zijn CO- en CO2-uitstoot en de chemiegigant zijn afhankelijkheid van olie. Voor Dow scheelt het ook nog dat het zelf geen installaties hoeft te bouwen die grondstoffen voor plastics te maken, is dan niet nodig. De beoogde samenwerking heeft al een projectnaam: Steel2Chemicals.

In 2022 wordt duidelijk of plan levensvatbaar is
In de eerste fase in het project zijn twee proeffabrieken voorzien in Gent waar de techniek verder wordt ontwikkeld. De eerste fabriek vergt een investering van zo’n €10 mln en moet eind 2018 draaien. De andere pilot komt daar vlak achteraan en vraagt eenzelfde investering. Aan het eind van het project in 2022 moeten de ‘pilots’ zoveel informatie hebben geleverd dat er besloten kan worden of het businessplan economisch levensvatbaar is.

7%
De staalindustrie draagt voor 7% bij aan alle CO2-emissie wereldwijd.

Chemisch knutselen
Als het goed is wordt dan rond 2025 vlak over de grens in België, een geheel nieuwe fabriek gebouwd waar de afvalgassen worden verwerkt tot synthetische nafta. Deze zal dan per schip over het Kanaal van Gent naar Terneuzen worden vervoerd.
Het procedé in technische termen: Dow gaat van koolmonoxidegas (CO) uit de hoogovens van Arcelor in combinatie met de eigen overtollige waterstof (H2) het zogeheten syngas maken. Dat gas is al een eeuw lang bekend. Er zijn veel producten mee te maken. ‘Chemisch knutselen’, noemt projectleider Matthijs Ruitenbeek van Dow dit. Uiteindelijk moet dat in de bestaande krakers van Dow in Terneuzen de bouwblokken voor plastic (polyethyleen) opleveren.

Twee pilots
Dow heeft technieken ontwikkeld om restgassen uit hoogovens geschikt te maken voor chemische toepassingen. Met één van die technieken kan Dow CO2 uit de hoogovengassen isoleren. Dat levert een geconcentreerde stroom CO2 op die kan worden vermarkt of kan worden opgeslagen. Daarnaast blijft er een schonere stroom van hoogovengassen over, waarmee Dow of andere partijen gemakkelijker syngas kunnen maken. Syngas is een mengsel van door Dow aangeleverd H2 en door ArcelorMital uitgestoten CO. De pilot vergt een investering van €10 mln, waarop een subsidie uit de EU-Interreg pot is toegekend, waarmee 40% van de som wordt gedekt.
Een vervolgtraject van Dow betreft een gezamenlijk project om hoogovengassen om te zetten van syngas in synthetische nafta. Met de bouw van de pilot kan worden gestart in de herfst van 2017 als een Europese subsidie in het kader van het EU-programma Horizon 2020 wordt toegekend. Het gaat om een investering van meer dan €8 mln in installaties en onderzoek.

Onderdeel van een trend
Het initiatief om CO2-reststromen te hergebruiken maakt deel uit van een trend. Meer initiatieven op dat vlak zijn recentelijk gelanceerd. Zoals de Zweedse staalproducent SSAB in Lulea, dat zijn hoogovengassen gaat gebruiken voor de productie van methanol voor zeeschepen. En het Duitse staalconcern ThyssenKrupp in Duisburg gaat in het door de Duitse overheid gesubsidieerde project Carbon2Chem eveneens restgassen leveren aan de de Duitse chemische concerns Basf, Covestro van Bayer, Evonik en het Zwitserse Clariant, waardoor hun uitstoot van CO2 sterk vermindert.
Het gaat wel ergens over. Aan alle CO2-emissie wereldwijd draagt de staalindustrie 7% bij. Tegelijk eisen overheden en klanten van grondstofleveranciers zoals de staal- en chemische industrie een steeds lagere koolstof-‘footprint’.

Olieprijs moet niet te laag zijn
Het project Steel2Chemicals kan op den duur winstgevend zijn voor zowel ArcelorMIttal als Dow Benelux. Maar dat is onder meer afhankelijk van de prijs van de olie. Plastic uit syngas moet ook zonder subsidies kunnen concurreren met plastic uit olie. Bij een olieprijs van $50 is dat niet mogelijk, stelt Ruitenbeek van Dow.
Verder hoopt Dow op den duur licenties op haar techniek te kunnen verkopen. Zo kan een veel bredere bijdrage worden geleverd aan de reductie van de uitstoot van broeikasgassen in Europa en in de wereld. ‘Men kan het concept van Dow klonen’, zegt Ruitenbeek.

Het hogere doel: de nul emissie fabriek
Bij Arcelor Mittal concludeert men dat de Europese staalindustrie aan het eind is van zijn technische capaciteiten om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Eric de Coninck, directeur technologie bij ArcelorMittal: ‘We moeten op zoek naar innovatieve oplossingen om de emissie van broeikasgassen verder terug te brengen.’

‘Als het project met Dow ten volle werkt en we een afzet vinden voor uitgewassen CO2 uit onze staalgassen, kunnen we onze koolstof-voetafdruk met 10% verminderen’
Eric de Coninck, directeur technologie ArcelorMittal
Dus werkt ArcelorMittal al sinds 2011 aan het idee van de ‘nul emissie fabriek’. Arcelors afvalgassen zijn koolmonoxide (CO), kooldioxide (CO2), waterstof en stikstof (N2). Het staalconcern experimenteert al in Gent met andere bestemmingen voor de koolmonoxide. Zo wordt er al in een twee jaar geleden gestarte samenwerking met het Nieuw-Zeelandse bedrijf LanzaTech op de site van ArcelorMittal een ethanolfabriek gebouwd. Arcelor levert de CO-rijke gassen.

Pijpleiding van circa 16 kilometer nodig
‘Als het project met Dow ten volle werkt en we een afzet vinden voor uitgewassen CO2 uit onze staalgassen, kunnen we onze koolstof-voetafdruk met 10% verminderen’, aldus De Coninck. ‘De elektriciteit kan dan hernieuwbaar worden aangemaakt en de CO hoeft niet meer te worden verbrand als voeding in elektriciteitscentrales en we filteren CO2 uit de reststroom.’ Dow voorziet via dit project een besparing van 2,3 ton CO2 op de productie van iedere ton synthetische nafta. ‘Een besparing van miljoenen tonnen CO2 per jaar ligt binnen bereik’ als de vinding wordt gelicenseerd aan andere bedrijven.’
Om synthesegas te maken is een pijpleiding van circa zestien kilometer nodig om waterstof vanuit Dow bij Arcelor te krijgen. Het eerste deel van acht kilometer van de pijp vanuit Terneuzen ligt er al voor de voorgenomen leverantie van waterstof aan Yara in Sluiskil. Het tweede deel moet nog worden aangelegd. ‘Hier heeft de overheid een gigantische taak’, zegt De Coninck van Arcelor.

Wel regels aanpassen, svp
De technische ontwikkeling moet vergezeld gaan van een aanpassing van de regels, aldus Ruitenbeek. ‘Je ziet Europa switchen naar een circulaire economie. Maar de wetgeving is nog vooral gericht op biomassa en niet op hergebruik van rest- en afvalstromen. Nieuwe wetgeving maken kost jaren. Daarom zijn we nu al in dialoog met de Europese Commissie via onze Europese brancheorganisaties Cefic (chemie) en Eurofer (staal) om de regels bij te stellen. Het is van belang dat dat is gebeurd als de nieuwe fabriek in 2025 van start zou gaan.’

Bron: FD